Bezienswaardigheden
Eeuwen kunst en geschiedenis ondergebracht in musea
Dublin heeft geen tekort aan interessante musea. Tussen College Park en Merrion Square liggen enkele van de voornaamste behoorlijk dicht bij elkaar. Trinity College ligt in College Park zelf en het National Museum en de National Gallery tref je aan de tegenoverliggende uithoek van het park. Je treft ze ingesloten tussen Kildare Street, Leinster Street en Merrion Square Street. Dublinia kan je vinden in de buurt van van Christ Church Cathedral. Naar de Hugh Lane Municipal Gallery of Modern Art (Parnell Square North) is het een eindje stappen, je vindt het niet zo gek ver van het James Joyce Centre.
De voornaamste bezienswaardigheid van Trinity College Library, gelegen aan College Street, is zonder meer het “Book of Kells”. Dit bijzonder rijkelijk geïllustreerde manuscript uit de 9de eeuw bevat de teksten van de vier evangelies in het Latijn. Men gaat ervan uit dat de teksten geschreven en verlucht (met afbeeldingen van mensen en dieren) werden door monniken die in 806 vluchtten voor de Vikings, van het eiland Iiona naar Kells (in de Midlands). Men vertelt wel eens dat voor iedere folio van het manuscript de huid van een half kalf nodig was. Sommige van de schitterende letters werden gekleurd met halfedelstenen. Een ander gekend manuscript uit de collectie is het “Book of Durrow”, eveneens een religieus boek. Hier rust ook de oudst bewaard gebleven harp van Ierland. Trinity College Library maakt deel uit van Trinity College, gesticht op het einde van de 16de eeuw. Het zou nog duren tot diep in de 20ste eeuw eer katholieke studenten probleemloos toegang kregen tot deze van oorsprang protestantse instelling. In de oude gebouwen (misschien wel in de 3 eeuwen oude slaapzaal) zweven nog de geesten rond van befaamde / beruchte oud-studenten als Oscar Wilde en Samuel Beckett.
Voor een van de grootste verzamelingen ter wereld van gouden voorwerpen uit de Bronstijd moet je naar het National Museum in Kildare Street, Ierlands’ belangrijkste museum. Hier kan je ook vroegchristelijke voorwerpen bewonderen zoals kelken, kruisen, schrijnen en de klok van St. Patrick. Nog in dit gebouw is er aandacht voor de Vikingen en het middeleeuwse Ierland. Daarnaast beschikt het National Museum ook nog over drie andere sites, waarvan twee in Dublin. Op de museumsite vlakbij in Merrion Street gaat de aandacht vooral naar het dierenleven in vroegere tijden. Als je naar de afdeling van het National Museum in Collins Barracks zou stappen dan tref je daar vooral kleding, meubelen en zilverwerk.
Een prachtige verzameling schilderijen, beeldhouwwerken en kunstvoorwerpen van tal van belangrijke Europese kunstrichtingen kan je bewonderen in de National Gallery. Je kan er zowel werken bewonderen van Fra Angelico en Titiaan, als van El Greco en Goya of van Vermeer. “De Kruisafneming” (1602) van Caravaggio wordt gezien als het pronkstuk van het huis. Ook de portretten van de familie Yeats trekken veel aandacht, evenals de collectie geschonken door G.B. Shaw. In de in aanbouw zijnde “Millennium Wing” zullen rondreizende tentoonstellingen getoond worden.
Hou je meer van recentere kunstvormen, dan bezoek je de “Hugh Lane Municipal Gallery of Modern Art”, die in het begin van de 20ste eeuw startte met een belangrijke schenking door Hugh Lane, een vooraanstaand kunstverzamelaar. Die omvatte onder meer werken van Monet, Manet, Degas, Renoir, Corot en hun Ierse tegenhangers. Sindsdien werd het museum vooral uitgebreid met werken uit de hedendaagse Ierse kunst. Het gaat daarbij zowel om schilderijen, beeldhouwwerken als gebrandschilderd glas.
Eén van de meest populaire musea in de stad is “Dublinia” waar vooral veel aandacht gaat naar de geschiedenis van de stad Dublin. Je kan er bijvoorbeeld Dublin bekijken zoals het er ongeveer 500 jaar geleden uitzag, er is aandacht voor de periode dat de Zwarte Dood over de stad heerste, voor de nederzetting die de Vikings er bouwden, voor de kunstvoorwerpen gevonden bij archeologische activiteiten in Wood Quay, … Het museum is ondergebracht in het gebouw waar tot enkele decennia geleden de “Church of Ireland” gehuisvest was. Via een overdekte brug kan je naar “Christ Church Cathedral” , waarvan de bouw onder een Vikingkoning werd aangevat.
Twee kathedralen en de oudste kerk
Overal in Ierland vind je katholieke kerken. In die kerken werd niet alleen God geëerd, er werd ook geschiedenis geschreven. In Dublin staan enkele van de interessantste en allermooiste kerken. We bezoeken “Christ Church Cathedral”, gelegen op Christchurch Place, en “Saint Patrick’s Cathedral”, die zich bevindt op Saint Patrick’s Close. Wellicht is Dublin de enige stad in de wereld die met twee kathedralen kan pronken. Misschien loop je ook nog even langs in “St. Audoen’s Church”, in het middeleeuwse centrum van de stad?
Een bezoek aan “Christ Church Cathedral” kan je eventueel combineren met kennismaking met “Dublinia” ; een overdekte brug scheidt beide gebouwen van elkaar. Rond 1030 gaf Sitriuc, de koning van de Vikings in Dublin, toestemming voor de bouw van een houten kerk aan Dunan, de eerste bisschop van Dublin. Nadat de stad in 1170 in handen viel van Anglo-Normandische heersers werd opdracht gegeven de bestaande kathedraal te herbouwen. Een aantal Romaanse onderdelen uit die tijd bleef behouden. In de loop der eeuwen werd de kathedraal herhaaldelijk gerestaureerd en vernieuwd; de belangrijkste vernieuwingen grepen plaats rond 1870, onder leiding van architect George Street en voor rekening van whiskyproducent Henry Roe. Bij het betreden van de kerk kom je onder de indruk van het 25 m hoge middenschip in vroeggotische stijl. In een zijkapel, met oorspronkelijke middeleeuwse tegels, wordt het hart bewaard van St. Lawrence (Lorcan O’Toole, 1128-1180), die het leven van talloze burgers redde tijdens de Anglo-Normandische invasie. De restauratie van de crypte uit de 12de eeuw is onderweg, maar je kan er reeds enkele kunstschatten bewonderen. In de kerk staat ook het aan Strongbow (= Richard de Clare) gewijde monument, dat een ridder in maliënkolder omvat en mogelijk een gedeelte is van de oorspronkelijke graftombe van deze Welshe oorlogsheer, wiens komst over ’t algemeen beschouwd wordt als het begin van de Engelse bemoeienissen in Ierland.
St. Patrick’s Cathedral is de grootste kerk van Ierland. Volgens de legende werd ze gebouwd boven de bron waar St. Patrick (380-461) in het midden van de 5de eeuw bekeerlingen doopte. Hij stichtte effectief kerken in de omgeving van Dublin (Wicklow, Kildare, Meath) en het is dus waarschijnlijk dat hij ook in Dublin kwam. In 1901 werd onder de kerk een bron ontdekt die afgesloten was met een steen waarop een Keltisch kruis staat. Die steen kan je nu zien aan de westelijke zijde van het middenschip. In 1991 besliste aartsbisschop John Comyn om de bestaande houten kapel te vervangen door een stenen kerk. Rond 1225 werd besloten tot de bouw van een nieuwe kerk (de huidige) en trokken predikanten, met toestemming van Henry III, door het land om geld in te zamelen daarvoor. De bouwperiode liep van 1254 tot 1270. Tal van vooraanstaande inwoners van Dublin liggen in de kerk begraven, maar nogal wat bezoekers komen voor de herinneringen aan Jonathan Swift (1667-1745), deken van de kerk, maar vooral gekend als satirisch schrijver (Gullivers’ reizen). De kerk is niet zozeer een museum maar eerder een actief gebedshuis, waar 6 dagen per week gezongen diensten doorgaan.
Beide kathedralen hebben een respectable leeftijd, maar meestal wordt “St. Audoen’s Church” aangewezen als de oudste kerk van de stad. Het schip van de kerk is nog zoals in de 15de eeuw, maar elders is ze in minder goede toestand. Ze verving een in 1190 gebouwde kerk. In de kerk bevindt zich de “Lucky Stone”, een grafsteen die dateert van voor 1309. Daarnaast beschikt de kerk over 3 klokken uit 1423.
Andere bezienswaardigheden
Dublin bezit nog al van andere interessante of merkwaardige monumenten en andere bezienswaardigheden. Beginnen we bij “Dublin Castle”, (nabij Dame Street, niet ver van Christ Church Cathedral), dat eeuwenlang het symbool was van de Engelse overheersing. Het Ierse Parlement vergaderde in de huidige “Bank of Ireland” tot de Engelsen in 1800 beslisten dat het welletjes was geweest. Verlaat je dit gebouw langs College Green en je stapt dan links in Suffolk Street, dan volstaat het steeds rechtdoor te stappen om Merrion Square te bereiken, onbetwist een van de mooiste pleinen van Dublin. Stap je van de “Bank of Ireland” in de andere richting, naar de rivier Liffey dan beland je bij de “Ha’penny Bridge”, ongetwijfeld de charmantste brug van de stad. “Waterway Visitors’ Centre” zal vanaf 2007 weer de bollebozen en de waterliefhebbers aantrekken met zijn informatie over de Ierse waterwegen.
“Dublin Castle” werd in de 13de eeuw gebouwd door de Anglo-Normandiërs toen die Ierland bezetten. Van het oorspronkelijke gebouw blijft niet echt veel meer over. Alleen de “Record Tower” dateert nog uit de beginperiode, maar ook die werd herhaaldelijk verbouwd. Vooral de aankleding van de zalen, appartementen en salons wekt de interesse van bezoekers. In de bibliotheek valt een rijke collectie te bewonderen met onder andere manuscripten, vroege drukwerken, iconen, miniaturen en andere kunstvoorwerpen.
Het gebouw waarin vandaag de “Bank of Ireland” gehuisvest is, was ooit het eerste parlementsgebouw in Europa dat speciaal daarvoor werd ontworpen. De bouwwerken werden beëindigd in 1739, maar reeds in 1792 verwoestte een brand de belangrijke vergaderzaal van het Lagerhuis. Het Hogerhuis bleef wel bewaard en is ook vandaag nog te bezichtigen. De gidsen zullen je zeker wijzen op de grote kroonluchter uit 1788 die maar liefst 1233 stukjes telt. Een andere belangrijke attractie zijn de enorme wandtapijten, waarvan er een Willem van Oranje toont tijdens de Slag bij de Boyne. Toen in 1800 het Ierse Parlement ontbonden werd en Ierland geannexeerd werd door Engeland kocht de “Bank of Ireland” het gebouw.
Het 5 hectare grootte Merrion Square is een mooi plein omgeven door een resem fraaie gebouwen. Meest opvallend is wellicht het “National History Museum” met aan dezelfde zijde ook nog de “National Gallery”. Mooier nog is het aan de andere zijden van het plein, met ganse reeksen huizen in de 18de eeuwse stijl genoemd naar King George. Tal van vooraanstaande Ieren hebben er gewoond: G.B. Shaw, W.B. Yaets, O. Wilde, …Een van de beelden stelt de treurende Eriu voor, een Keltische krijgsgodin met een harp onder de arm. De fontein op het plein was ooit voorbehouden aan de armen van de stad.
Het laat zich makkelijk raden waar de naam van de “Ha’penny Bridge” vandaan komt: ooit bedroeg de tol op deze voetgangersbrug over de Liffey een halve penny. Toen de brug in 1816 in gebruik werd genomen droeg ze nog de naam van Wellington, maar later werd dat veranderd in “Liffey Bridge” en dat is tot op vandaag de officiële naam (die nauwelijks iemand gebruikt). De fraaie gietijzeren brug met haar leuke lantaarns is een van de meest gefotografeerde beelden van de stad.
Waterway Visitor’s Centre: hier kunt u terecht voor tentoonstellingen over de Ierse waterwegen.
Copyright Foto: Dublin Tourism Image Library