De zee neemt en geeft en dat was duidelijk het geval in het Krekengebied. Deze mooie kreken die achterbleven na talloze overstromingen vind je ten noorden van Eeklo in het Meetjesland. Kreken werden uitgegraven door de zee en toen de dijken de zee konden tegenhouden en de mens de strijd won ontstonden er mooie meertjes. De Boerenkreek (St-Jan-in-Eremo) is niet alleen de grootste maar ook de bekendste. Dit komt wellicht door het sportcentrum en de activiteiten die erop gebeuren. Deze kreek is voor een deel natuurreservaat maar staat ook open voor recreatie en op sommige plaatsen mag men ook vissen. We hebben een mooie wandeling die je langs een paar kreken brengt en je laat genieten van de rust van dit gebied. Hetzelfde effect krijg je ook met onze fietsroute doorheen het Krekengebied.
Kerk van St-Jan-in-Eremo
Het zicht op de Sint-Jan-de-Doperkerk en omgeving in Sint-Jan-in-Eremo lijkt zo van een wat oudere postkaart gekopieerd. In het jaar 994, toen Sin-Jan-in-Eremo nog Sint-Jansdorp heette, stond hier al een kerk. Enkele eeuwen later werd ze vervangen door een groter en steviger gebouw, maar dat werd in 1376 weg gespoeld door een allesvernietigende vloed van zeewater, dat de streek decennialang bedekte. Op het terrasje van “Polderzicht” kun je het helemaal opnemen en tegelijkertijd kijken naar enkele slachtoffers van de vos Reynaert, zoals getoond in het beeld “Pinte en Sproete” tegenover de kerk
Waterland-Oudeman
De naam van Waterland-Oudeman vertelt iets over de geschiedenis van het dorpje: omdat het water hier jarenlang bleef staan na de stormvloed konden de gevluchte bewoners geen betere naam bedenken dan “waterland”, de strook grond die zowel de zee als het land toebehoorde. Centraal in het dorpje staat de Sint-Niklaaskerk, vooral bekend omwille van zijn interieur met stucwerk uit de periode van de laatrococo.
Sint-Margriete
Dit dorp had een kasteel maar door een overstroming is dit volledig verwoest geweest. De kerk die je nu te zien krijgt dateert uit de 19de eeuw. Daarvoor waren er meerdere kerken verzwolgen door de verwoestende zee. Rond de kreken kan je tienpalen zien die de grenzen aanduiden van de toenmalige eigenaars aan wie een belasting van 10% moest betaald worden.
Sint-Laureins
De Sint-Laurentiuskerk heeft een geschiedenis die terug gaat tot in de 16de eeuw, maar allerhande verbouwingen wijzigden het oorspronkelijke uitzicht. Binnen lijkt vooral de barokstijl te overheersen. Bewonder het houtsnijwerk van het koorgestoelte en van de altaren, allemaal uit de 17de eeuw. Belangrijk is ook het schilderij “De kroning van Maria” van de hand van Gaspar de Crayer, die in nogal wat kerken vertegenwoordigd is met zijn werk.
Het Godshuis is ongetwijfeld het prachtigste gebouw in het centrum van Sint-Laureins. In dit grote gebouw uit de eerste helft van de 19de eeuw waren aanvankelijk wezen, ouderen en zieken gehuisvest. Het complex werd bedacht door kanunnik Andries (die van het kanaal) en betaald door de steenrijke en godsvruchtige juffrouw Antonia Van Damme. Vandaag is er een ander publiek te gast in het Godshuis, het is immers verbouwd tot een combinatie van hotel, feest- en vergaderzalen. Meer info: www.godshuis.be.
Watervliet
Het meest opvallende gebouw van Watervliet is de Onze-Lieve-Vrouw Hemelvaartkerk uit het begin van de 16de eeuw. Niet te missen in het interieur zijn fraaie schilderijen uit de 16de en 17de eeuw, waaronder ook weer eentje van Gaspar de Crayer. Let ook op de koorbanken, een bidstoel en het doksaal, allemaal in hout en uit uit de 17de eeuw.
Bentille
Bentille was ooit alleen maar een wat hoger gelegen zandheuvel. Er kwam bewoning doordat mensen uit de buurt hier naar hier vluchtten om te ontsnappen aan het aanzwellende water dat hun huizen en stallen vernietigde. Eerst bouwden de vluchtelingen er een kapel; in 1785 kwam de Sint-Eligiuskerk in plaats daarvan.
Het Leopoldkanaal
Zoals je ook elders leest is de naam Leopoldkanaal eigenlijk onterecht. Eerlijker en rechtvaardiger was het geweest om het kanaal de naam te geven van de man die het allemaal realiseerde: kanunnik Jozef Andries, tevens volksvertegenwoordiger en pastoor van Middelburg Het kanaal, aangelegd in het midden van de 19de eeuw over een afstand van 43 tussen Boekhoute en Heist, moest vooral zorgen voor de afvoer van overtollig regenwater uit de polders.