Terneuzen, Hulst, Aardenburg, Breskens, ...
Het huidige Zeeuws-Vlaanderen bestaat officieel nog uit 3 grote gemeenten: Sluis, Terneuzen en Hulst. Bij onze kennismaking laten we ons evenwel vooral leiden door de namen van de deelgemeenten zoals die van oudsher gekend zijn zoals Aardenburg. Vlakbij liggen de badplaatsen Cadzand en Breskens. Samen met nog andere dorpen horen ze bij het bekende winkelstadje Sluis. Winkelen kan je eveneens in Terneuzen; enkele van de meest bekende plaatsen in het achterland zijn het mosseldorp Philippine en het recreatiegebied De Braakman in Sas-van-Gent. Vaak wordt gezegd dat Hulst de meest Vlaamse stad van Nederland is, maar ze heeft ook andere troeven, zoals bijvoorbeeld het “Verdronken Land van Saeftinghe”.
Het aangename Aardenburg werd indertijd gesticht door de Romeinen onder de naam Castellum Rodanum. Getuige daarvan zijn onder meer de talrijke vondsten die te bekijken zijn in het “Gemeentelijk Archeologisch Museum”, de restanten van een Gallo-Romeins tempeltje in de heemtuin achter het museum en de fundamenten van een Romeins poortgebouw in de Burchtstraat. Het oudste gebouw van de stad is de Sint-Baafskerk, waarvan de oorsprong terug gaat tot het jaar 959 toen monniken uit Gent met de bouw ervan begonnen. Nadat die eerste kerk in 1202 afbrandde werd ze vervangen door het huidige gebouw in Scheldegotiek. Opvallend zijn de sarcofagen uit de 14de eeuw die langs de binnenzijde beschilderd zijn. De vestingwerken zijn het meest opvallende historische aspect van het Aardenburgse landschap. Her en der zie je nog stukken van de stadsgracht, de bolwerken en de omwalling die tussen de 13de en 17de eeuw werden aangelegd. Deze vestingwerken maken ook deel uit van het natuuraanbod van de stad: het is er aangenaam wandelen. Voor een meer gericht wandel- en fietsaanbod maak je best gebruik van de bewegwijzerde of beschreven routes. Een tochtje door het stadscentrum leid je voorbij enkele gevels uit de 16de tot 18de eeuw, leuke winkeltjes en enkele aangename horecazaken waar je beslist graag even pauzeert.
Vlakbij liggen Cadzand en Breskens, twee badplaatsen met stranden die wel vaker worden aangedaan door families met kinderen die het wat druk vinden aan de nabije Vlaamse kust. De vuurtoren van Breskens, uit 1867, wordt beschouwd als het oudste gietijzeren exemplaar van Nederland. In IJzendijke moet je beslist “Het Bolwerk” bezoeken, een vernieuwd museum over de Staats-Spaanse Linies: het voert je terug naar de periode van de Tachtigjarige Oorlog.
Voornoemde plaatsen maken allemaal deel uit van de gemeente Sluis, die zelf ook wel wat te bieden heeft. Het meest opvallende gebouw is beslist het Belfort (uit 1390) bij het stadhuis. Sluis is één van de weinige Nederlandse steden die over dit typisch Vlaamse bouwwerk beschikt. Op regelmatige tijdstippen kun je het klokkenspel in de toren beluisteren als Jantje van Sluis de tijd aangeeft. Vooral als winkelstadje geniet Sluis bekendheid; loop zelf eens langs de talrijke winkels, niet nader te noemen shops en horecazaken, al dan niet voorzien van een terrasje. Ook voor Vlaamse frieten kan je hier terecht. De meest bekende figuur van de stad is ongetwijfeld Johan Hendrik van Dale, de samensteller van wat nu bekend staat als “de Dikke van Dale”.
De naam van Terneuzen komt vaak in de mond als we het hebben over het kanaal dat Gent met deze jong ogende stad aan de Westerschelde verbindt. De meeste bezoekers zakken evenwel naar hier af om te shoppen. Het in Vlaanderen overbekende Philippine hoort bij de gemeente Terneuzen. In massa zakken de Vlamingen af naar dit voormalige vissersdorpje om er mosselen te eten. Samen met het Mosselmonument herinneren de mosselrestaurants aan de tijd voor 1952 toen hier nog mosselen aangevoerd werden. Een van de voornaamste recreatiegebieden van Zeeuws-Vlaanderen is “De Braakman”, deels op grondgebied Sas-van-Gent is ongeveer 250 hectare groot. In de kreek is er plaats om te windsurfen, te zeilen, te zwemmen of te varen met een jacht. In de onmiddellijke omgeving is er een uitgestrekt bosgebied en een camping, tennis binnen en buiten, er is ook ruimte voor een speeltuin, een golfbaan en een bungalowpark. De grote waterplas van de Braakman ontstond toen in 1375 een stormvloed het land overspoelde. Sas-van-Gent groeide geleidelijk aan het einde van het kanaal dat Gent om strategische redenen liet graven tot aan de Braakman. Beslist interessant is een bezoek aan het “Industriemuseum”, waar machines staan die vroeger gebruikt werden bij bedrijven in het omliggende.
Ook Hulst heeft een winkelreputatie, maar ook op historisch vlak is de gemeente interessant, ook al omdat de vestingwerken goed bewaard bleven. Historisch gezien speelde Hulst een belangrijke rol als hoofdstad van de Vier Ambachten, waartoe ook Axel, Assenede en Boekhoute behoorden. Aan de gebeurtenissen tijdens de periode van de Vier Ambachten wordt aandacht besteed in het “Streekmuseum”, dat ondergebracht is in het”Refugiehuis Ter Duinen”. Andere belangrijke gebouwen met geschiedkundige waarde zijn de Sint-Willibrordusbasiliek (13de eeuw), het stadhuis (16de eeuw) en het “Refugiehuis Baueloo” waar de monniken van de gelijknamige abdij toevlucht zochten in roerige tijden. Een wandeling van ongeveer 3 km biedt een mooi overzicht van de wallen, de grachten en de bastions. Nadien bieden talrijke aangename terrasjes alle mogelijkheden tot verpozing.
In het meest oostelijke deel van de gemeente Hulst wacht het niet te missen “Verdronken Land van Saeftinghe”, het grootste brakwatergebied van West-Europa. Tot de Allerheiligenvloed van 1570 was dit een vruchtbaar ingedijkt poldergebied, maar toen nam de zee weer grotendeels de overhand. Dit 3.500 hectare grote natuurgebied bestaat nu uit slikken en schorren met een rijke flora en fauna. Wegens de verraderlijke werking van de getijden is een bezoek op eigen houtje niet toegestaan, maar er zijn vaak georganiseerde wandelingen vanuit het “Bezoekerscentrum Saeftinghe”.