In de omgeving van Lissabon
De omgeving van Lissabon heeft voldoende te bieden om je verblijf nog met enkele dagen uit te breiden. Kijk bijvoorbeeld eens rond op de “Costa do Estoril” met zijn vele bezienswaardigheden. De bekendste plaatsjes zijn de mondaine oorden Cascais en Estoril. Ietwat noordelijker ligt Sintra, het mooiste van de vakantieplaatsen in de buurt van Lissabon. Trek je meer zuidwaarts dan beland je in Setubal, waar je onder meer lekker kunt smullen van plaatselijke producten. Evora is dan weer een behoorlijke trip naar het oosten, maar je komt dan terecht in een prachtig stadje waar het aangenaam verblijven is.
Als je na een citytrip naar Lissabon nog even wil blijven dan biedt de onmiddellijke omgeving van de hoofdstad ruime mogelijkheden. De “Costa do Estoril” heeft behalve zon en aangename temperaturen nog veel meer te bieden. De opbloei van het toerisme in Cascais is toe te schrijven aan het feit dat de toenmalige koninklijke familie hier in 1870 een kasteel liet bouwen op een vooruitstekende rots, het mooiste plekje van de kust. In hun spoor repten zich allerhande hovelingen en fans naar hier om toch maar in de koninklijke “zon” te staan. De monarchie is inmiddels al lang aan de deur gezet en de gebouwen doen nu dienst als buitenverblijf voor de democratisch verkozen Portugese president. Cascais beschikt vandaag over alle voorzieningen en pleziertjes van een moderne badplaats. Bij stormachtig weer is een bezoek aan de “Boca do Inferno” (hellemond) een ware belevenis. Het water stort zich dan met donderend geweld tussen uitgeholde rotsklippen. Het strand van “Praia do Guincho” is geliefd bij surfers en zeilers. Van op “Cabo da Roca”, de meest westelijke punt van het Europese vasteland, heb je een schitterend panoramisch uitzicht op de zee. In de vuurtoren kan je een certificaat krijgen dat je bezoek bevestigt. Ook Estoril beschikt over alle voorzieningen die geacht worden voorhanden te zijn in een hedendaagse mondaine badplaats. Bij wijze van verpozing doet een wandeling in het park met zijn exotische bomen beslist deugd. Behalve het grootste casino van Europa zijn er in het plaatsje nog andere activiteiten voor “big spenders”, zoals paardenwedstrijden, regatta’s en autoraces.
Een elegant stadje met een rijk historisch verleden, zo kan Sintra best omschreven worden. De Unesco had er ook een goed oog in want die zette het stadje in 1995 op de lijst van het Werelderfgoed. Sintra heeft haar reputatie niet te danken aan een of andere vorst, maar aan Engelse excentriekelingen. De meest bekende onder hen is de dichter Lord Byron; de enkele dagen die hij hier in 1809 verbleef waren voldoende om zijn naam voor immer met Sintra te verbinden. Vooral in de weekends zakken de inwoners van Lissabon af naar de boetieks, antiekwinkels, restaurants en theesalons, je plant je bezoek dus best op een ander ogenblik. In de oude stadswijk (vila velha) krijgt het voormalige koninklijke paleis (palacio real) veel aandacht omwille van zijn schitterende azulejos uit de 14e en 15de eeuw. De ongewone conische vorm van de schouwen van het paleis domineert de skyline. Best leuk is het speelgoedmuseum, “Museu do Brinquedo”, waar speelgoed van alle tijden en uit de ganse wereld is samengebracht. Ongewoon, zo omschrijf je best de “Quinta da Regaleira”. Een “quinta” is een rijkelijk landhuis, maar dit bouwsel uit het einde van de 17de eeuw is neergepoot door een aanhanger van de esoterische leer en de vrijmetselarij. Het omvat grote standbeelden en allerhande symbolen. Meest opmerkenswaardig is de “Poço Iniciatico”, een 27 m diepe inwijdingsput, waarin de stappen tussen dood en wedergeboorte uitgebeeld worden.
Net ten zuiden van Lissabon ligt Setubal, een havenstad en omliggende wijngaarden waarvan we vooral de “Moscatel de Setubal” onthouden, een zoete wijn die zich best laat combineren met sommige kazen. Na een wandeling door de smalle straatjes van het oude stadscentrum smaakt een schotel met wijn en kaas opperbest. Boven de stad troont het “Castelo de Sao Felipe” dat deels gebruikt wordt als pousada en deels te bezichtigen is.
Van Lissabon naar Evora is het weliswaar 135 km,maar die verplaatsing is beslist de moeite waard. In de doolhof van straatjes met tal van fraaie huizen en monumenten in het stadscentrum is het wel even uitkijken om je te oriënteren, maar het stadje is dan ook weer niet zo groot (45.000 inwoners) dat je er zou verloren lopen. De stevige stadsmuren zijn er om te beletten dat je al dwalend ongewild de stad zou verlaten. Hoe je ook rondwandelt, op een of andere manier kom je bij de kathedraal terecht, de “Sé” met haar tweelingtorens die mee het silhouet van de stad bepalen. De kathedraal werd gebouwd op het einde van de 12de eeuw en vertoont een combinatie van de Romaanse en gotische stijl. In de schatkamer krijg je te maken met een overdaad aan zilverwerk naast allerhande religieuze objecten. Vlabij staat de “Templo Romano”, zonder twijfel de mooiste Romeinse ruïnes in Portugal. Liefhebbers van megalieten en andere prehistorische bouwwerken moeten beslist een rondrit in de buurt maken. Plaatsjes die zeker op je traject moeten liggen zijn: Almendres, Valverde, Sao Brissos en de “Escoural Grotto” met grotschilderingen die tot twintigduizend jaar oud zijn.
Copyright foto's: © Photographer: Alexandre Fagundes | Agency: Dreamstime.com