Dat het in de omgeving van de samenloop van de Inn en de Sill goed om leven was wisten de Romeinen al toen ze Veldidena stichtten, een vroege voorloper van het huidige Innsbruck. De stad ontwikkelde zich verder van belangrijke middeleeuwse handelsstad tot hoofdstad van de deelstaat Tirol en hield daar een reeks hoog gewaardeerde barokke gebouwen aan over, waarvan je er een aantal vindt in de Altstadt. Ook buiten het centrum zijn er tal van interessante bezienswaardigheden, zoals de Alpenzoo en de plaats waar Andreas Hofer in 1809 een belangrijke overwinning behaalde. Innsbruck is ook een beetje de draaischijf voor deze kennismaking met Tirol.
De Herzog Friedrich Strasse is de hoofdstraat van Innsbrucks’ Altstadt, de oude stad met nog enkele typische steegjes. Ze dompelt je meteen onder in de barokke sfeer, maar ook andere bouwstijlen behielden een plaatsje. Op het nummer 15 van deze straat bemerk je het bekendste symbool van Innsbruck: “Das goldene Dachl” (het gouden dakje). Deze grote, 16 m hoge erker, bedekt met vergulde koperen dakpannen, werd rond het jaar 1500 toegevoegd aan het toenmalige paleis van de Tiroolse heersers. De keizer wilde van hier het leven op het plein in het oog houden. Op een van de reliëfs in de gevel staat die nieuwsgierige keizer afgebeeld met zijn twee vrouwen.
Vlakbij, naast het “Alte Rathaus” (15de eeuw), staat de 56 m hoge “Stadtturm” (met uitkijkterras), gebouwd in de 14de eeuw, later aangepast aan de smaak van de 16de eeuw. Hou je van afwisseling in stijlen, dan bezoek je aan de overzijde van de straat het “Helblinghaus”, oorspronkelijk een gotisch gebouw, maar in de 18de eeuw bepleisterd met overdadige rococo versiering.
Op de Domplatz vind je de barokke Dom Sankt Jakob, gebouwd aanvang 18de eeuw. Na zware oorlogsschade werd deze kathedraal in de 50-er jaren van de vorige eeuw herbouwd. Pas toen werd het ruiterbeeld van de H. Jacobus op het dak toegevoegd dat al in de oorspronkelijke plannen stond. Het vaak bewonderde interieur van de kerk is van de hand van de gebroeders Asam, Cosmas Damian en Egid Quirin, respectievelijk verantwoordelijk voor de schilderingen en het beeldhouwerk.
Vlakbij (Rennweg 1) staat de “Hofburg”, gebouwd als vorstelijke residentie in het midden van de 15de eeuw. Precies drie eeuwen later pompte keizerin Maria Theresia veel belastingsgeld in grote verbouwingswerken. Die leidden onder meer tot de toevoeging van een barokke vleugel, een veranderd uitzicht van de voorgevel, een interieur veelal in rococostijl en een paleistuin die ook nu nog te bezoeken is. In de naar Maria Theresia genoemde straat staat het oude Landhaus gebouwd in een stijl die omschreven wordt als hoogbarok. Vroeger zetelde hier de regering van de deelstaat Tirol; het nieuwe Landhaus ligt erachter.
In het “Ferdinandeum” (Museumstrasse) is de verzameling van het Tiroler Landesmuseum ondergebracht. De afdeling kunst is rijkelijk voorzien van kostbare stukken met werken van oude meesters als Rembrandt en Breughel, maar ook van meer hedendaagse Oostenrijkse kunstenaars zoals Klimt en Kokoschka. De “Patriotische Saal” is gewijd aan objecten uit de tijd van Andreas Hofer.
Een verzameling kunstwerken die eveneens gezien mag worden is te bewonderen in de “Hofkirche”, ongeveer tegenover de Hofburg, gebouwd op bevel van Ferdinand I om er de graftombe van Maximilaan I te huisvesten. De graftombe staat er weliswaar, maar is leeg; de stoffelijke resten van de keizerlijke grootvader liggen in Wiener Neustadt. Toch is er nog meer dan voldoende fraais te bewonderen in deze kerk, zoals kunstwerken die uiteenlopende adellijke figuren voorstellen en beelden ter nagedachtenis van Andreas Hofer (1767-1810) en de vrijheidsstrijd die hij voerde. Het meest befaamde aspect van de huidige Hofkirche is de “Silberne Kapelle” die aartshertog Ferdinand II liet bouwen als een bijgebouw van de toenmalige kerk om er zijn niet-adellijke echtgenote te laten begraven. Hij kwam er zelf ook terecht. De naam van de kapel is afgeleid van een zilveren Mariabeeld op het altaar.
Dichter naar de rand van de stad is een bezoek aan “Schloss Ambras” zeker aanbevolen. Het kasteel was ooit de belangrijkste zetel van de Tiroolse macht. In de 16de eeuw werden hier twee met elkaar verbonden kastelen gebouwd, een bovenste en een onderste, met als verbinding een zaal in vroege renaissancestijl. Liefhebbers van schilderkunst vinden er een galerij met portretten van bekende Habsburgers, onder andere van de hand van Rubens.
Een van de meest bezochte plaatsen buiten de stad is Bergisel, vandaag vooral door wandelaars geliefd. Hier versloeg het boerenleger van Andreas Hofer in 1809 een bezettingsleger samengesteld uit Franse en Beierse soldaten. Tirol lag toen onder de knoet van Beierse vorsten die bondgenoten waren van Napoleon. Een standbeeld van deze volksheld en een museum herinneren aan deze vrijheidsstrijd. Een meer hedendaagse strijd wordt gestreden op de schans van de Bergisel, tijdens een van de wedstrijden van het jaarlijkse Vierschansentoernooi. Zeker een bezoek waard in Bergisel is de Alpenzoo (te bereiken via een kabelbaan) met meer dan 150 diersoorten uit de regio.
In de deelgemeente Wilten bevinden zich enkele interessante religieuze gebouwen, met als voornaamste de “Wiltener Basilka”, een fraaie bedevaartkerk gebouwd in het midden van de 18de eeuw. Op het hoofdaltaarstuk uit de 14de eeuw is een Mariafiguur afgebeeld. Let ook op de structuur van de omgevende altaarhemel. In de omgeving bevindt zich een klooster en de bijhorende Stiftskirche, beide hoofdzakelijk uit de 17de eeuw. De barokke gebouwen zijn opvallend in geel en rood geschilderd. In deze kerk worden regelmatig orgelconcerten georganiseerd, waarbij gespeeld wordt op een meer dan 300 jaar oud orgel én een recenter orgel (1964).
Copyright foto: Oostenrijkse dienst voor toerisme / W.Mayer