We starten in het Parque de Maria Luisa. Rond deze groene zone liggen er heel wat bezienswaardigheden. Opgepast heel wat musea zijn op maandag gesloten! Maak gebruik van onze stadswandeling om niets te missen. We stellen je de belangrijkste gebouwen, monumenten en plaatsen voor, maar hebben doelbewust geen tijdsindeling opgenomen. Op één dag is het zeker niet mogelijk om de volledige route af te werken.
Parken en tuinen
In Sevilla zijn er een aantal heel mooie tuinen en parken. Start in het Parque de Maria Luisa. Dit park was het centrale gedeelte van de tentoonstelling van 1929. Het werd 35 jaar eerder geschonken door de prinses Maria Luisa Fernanda aan de stad (lees: bevolking). Tot dan maakte het deel uit van het koninklijke paleis of Real Alcazar. Andere tuinen in de onmiddellijke omgeving die je zeker moet bezoeken zijn de Jardines de Murillo, gelegen aan de muren van het Alcazar, en de tuinen van het Real Alcazar zelf.
Spaanse Plaats
Een toch wat bizar gebouw met verschillende Spaanse bouwstijlen. Het werd gebouwd voor de tentoonstelling van 1929 en was het Spaanse paviljoen. Het ligt aan de rand van het Parque de Maria Luisa en kan binnenin niet bezichtigd worden. Mogelijk zijn er restauraties aan de gang.
Archeologisch museum en Museum voor Volkskunde
Ten oosten van het Parque de Maria Luisa liggen er twee musea aan het Plaza de America. Het Archeologisch museum of Museo Arqueologico is ingedeeld in drie tijdperioden. De kelderverdieping is de oudste en ook meest belangrijke, dan volgt de Romeinse periode en zelfs van de Moorse bezetting zijn er voorwerpen tentoongesteld. Dit museum geldt als één van de belangrijkste van Spanje door de schat van El Carambolo (ca. 600 jaar voor Christus). Deze vondst, met onder meer sieraden, toont aan dat Sevilla al zeer vroeg bewoond werd door een volk met hoge ontwikkeling.
Tegenover dit museum vind je het Museum voor Volkskunde of Museo de Artes y Costumbres populares. Hier kom je te weten hoe de mensen hier vroeger leefden en werkten, a.h.v. gebruiksvoorwerpen en schilderijen.
Torre del Oro
Letterlijk vertaald de 'Gouden Toren' is één van de hogere torens van de stad. Daarin is het Maritiem Museum ondergebracht. Het is ook de plaats om een boottocht te maken op de rivier Guadalquivir, alle rondvaartboten zijn daar aangemeerd. Ooit was dit één van de verdedigingstorens van het Alcazar. De naam komt van de vergulde azulejos (wandtegels) die vroeger binnen waren aangebracht. Je kunt de toren beklimmen voor een mooi uitzicht, maar voor het panorama geven we wel de voorkeur aan de Giralda toren.
Kathedraal
De kathedraal is samen met het Real Alcazar het hoogtepunt van een bezoek aan Sevilla. Kunstminnaars zijn er minstens een dagje zoet mee. Eerst maken we een klim op de Giralda toren. Deze voormalige minaret doet dienst als kerktoren. Boven heb je een prachtig uitzicht over de kathedraal en het Real Alcazar. Eigenaardig is zijn trap die er eigenlijk geen is, het is een sterk hellend pad.
Het is de grootste kathedraal van Spanje en dit zal je meteen ook opvallen. Het is een omgebouwde moskee, maar dit merk je eigenlijk niet meer. Drie zaken moet je gezien hebben: het grote altaar, de koninklijke kapel en het graf van Colombus. Over deze laatste bestaat er wel grote twijfel over de echtheid van de beenderen die in de kist liggen. Niemand weet immers waar Colombus begraven werd.
Info: www.catedralsevilla.org
Het Real Alcazar
Inderdaad, hét Real Alcazar, want dit gebouw is uniek. Het is een koninklijk paleis waar de heersers van deze streek steeds hebben verbleven. Dit waren zowel de moren als de christenen. Je kunt hier, meer dan elders in de stad, de verschillende bouwstijlen herkennen. Uitzonderlijk hebben de christelijke heersers de kunstwerken en bouwstijl van de moren niet vernietigd. Het Real Alcazar dat in de 14de eeuw gebouwd werd in mudejarstijl en doet erg sprookjesachtig aan. De ingang bevindt zich op de Plaza del Triunfo en het paleis bestaat uit verschillende delen. Voor een goed bezoek raden we aan een audiogids aan te schaffen aan de ingang. Het is echt onontbeerlijk om de belangrijkste plaatsen gezien te hebben.
Wanneer je de verschillende delen van het paleis bezocht hebt zal het zeker heerlijk zijn om in de paleistuin te wandelen of een schaduwrijk plekje op te zoeken. Een goede indruk krijg je bij een bezoek van min. 3 uur.
Website: www.patronato-alcazarsevilla.es
De wijk Santa Cruz - het Casa Pilatos - Museum voor Schone Kunsten
Ten noorden van de kathedraal en het Alcazar moet je zeker eens door de mooiste en meest typische wijk van Sevilla wandelen, de wijk Santa Cruz. Vroeger was dit een Joodse wijk, nu een Spaanse wijk met kleine en smalle straatjes. Terrasjes, pleintjes, statige woningen in Andalusische bouwstijl en kleine gezellige huisjes zullen je aandacht trekken.
Wandel even wat verder in het centrum naar het Casa de Pilatos. Dit is een prachtig en luxueus stadspaleis met mooie azulejoswanden (wandtegels) dat volledig is opgetrokken in de beroemde mudéjarstijl op het einde van de 16de eeuw. Zeker te bewonderen zijn de zeer mooie binnentuin en het fraaie trappenhuis dat naar de tweede verdieping leidt.
Heb je nog even wat tijd over dan wandelen we opnieuw zuidelijker door de centrumstraten en langs de kerk El Salvador, één van de tientallen kerken in Sevilla die een bezoekje waard zijn. Hier zal het vooral de Madonna zijn die je aandacht trekt. Ons uiteindelijk doel is het Museum voor Schone Kunsten of het Museo de Bellas Artes. Als je maar één museum kunt bezoeken tijdens je citytrip dan moet het dit zijn, tenminste als je interesse gaat naar Spaanse schilderkunst. Natuurlijk zijn er ook andere kunstvormen aanwezig maar dit museum is gekend voor zijn totaal overzicht van Spaanse meesters vanaf de middeleeuwen tot de vorige eeuw.
Aan de andere kant van de rivier
Deze terreinen werden gebruikt voor de Expo '92. In tegenstelling tot de tentoonstelling van 1929 bleef de stad nu wel met een kater zitten. Niet alleen een financiële kater maar ook een resem aan paviljoenen waarmee niemand raad wist. Nu zijn er kantoren in gehuisvest en binnenkort zou er zelfs een mogelijkheid zijn om een rondrit te maken. Tijdens deze rondrit zal men je vertellen welke functie ze hadden tijdens de Expo en waarvoor ze nu gebruikt worden. Maar eerst is er nog een grote opkuis nodig. Een aantal plaatsen zijn beschikbaar voor het publiek: El Palenque (een geklimatiseerd plein), de Auditorio (het grootste openluchtauditorium van Europa) en de Teatro Central. Op het zuidelijke deel van het Cartuja eiland wordt het “Puerta Triana” project ontwikkeld, een complex voor handel en ontspanning met toekomstgerichte architectuur.
Op die terreinen is er ondertussen wel een pretpark geopend: Isla Magica. Het is een park met veel groen en water, waartussen de attracties werden opgebouwd rond het thema van de Spaanse ontdekkingsreizen. Een apart onderdeel van dit pretpark is “Parque Andalucia de los Ninos”, zeg maar een Andalusische versie van Mini-Europa of Madurodam.
Meer informatie hierover kan je vinden op www.islamagica.es
Aan diezelfde oever zie je een gebouwencomplex met hoge schoorstenen. Wellicht denk je onmiddellijk aan een bedrijf, maar nu is het een klooster. Het klooster Cartuja of Kartuizerklooster huisvest momenteel het Centro Andaluz de Arte contemporaneo of het museum voor hedendaagse kunst. De tijdelijke tentoonstellingen en een mooie tuin zijn zeker een bezoekje waard.