Het ontbijt is zeer beperkt, zelfs als het hotel beweert een 'ontbijtbuffet' te hebben. Het middagmaal kan je ook pas nemen vanaf 14 uur en 's avonds gaat er geen enkel restaurant open voor 20 uur (soms zelfs 21 uur). Hebben de Spanjaarden honger tussen de twee maaltijden dan stappen ze een bar binnen waar ze Tapas eten.
Tapas zijn allemaal kleine hapjes, die je aan de bar kunt opeten. Maar om zich aan te passen aan de vele toeristen bestaan er hiervan vele variaties. Origineel staan de hapjes op de bar, je eet wat je wilt en a.h.v. het aantal prikkers op je bord betaal je de rekening. Op sommige plaatsen kan je nu ook Tapas eten als een volledige maaltijd, dan kies je de soorten op de menukaart. Voor de Spanjaarden is Tapas bedoeld als een tussendoortje of een aperitiefhapje. Daardoor kan je na 20 uur veelal geen Tapas meer bekomen.
Naast het Spaanse Tapas is er één gerecht eigen aan Andalusië. Vooreerst is er de bekende koude soep. Nuttig deze in een écht Andalusisch restaurant! Je zal het verschil gauw merken. De Gazpacho Andaluz is een koude licht vloeibare tomatensoep. Maar soep is hier niet een correcte omschrijving. Het is eerder een salade met een dikke saus. Overheerlijk!
Wie graag een Paëlla (rijst met vis/kip) of Tortilla (omelet met aardappelen) eet moet dit ook doen in een echt Spaans restaurant. Je vindt een lijst met restaurants, volgens specialiteit, op de website van Sevilla. Klik op 'Where to eat' (Engelstalige versie). Via een zoekrobot krijg je onmiddellijk een paar adressen.