Assisi, waar Franciscus thuis is
Assisi is van vele markten thuis, maar staat toch in de allereerste plaats bekend als de plaats waar de H. Franciscus vandaan komt. Daardoor voelen vele pelgrims zich aangetrokken tot de stad, maar religieuze gevoelens zijn absoluut niet vereist om deze stad met zijn prachtige gebouwen of zijn landelijke omgeving met olijfgaarden te bezoeken.
De schitterende ligging tegen de flanken van de Monte Subasio en enkele fraaie monumenten zijn belangrijk voor de toeristische aantrekkingskracht van Assisi, maar de grote magneet voor het stadje is nog steeds de heilige Franciscus van Assisi, die geboren werd op het einde van de 12de eeuw. Niet alleen Assisi, maar gans Umbrië geniet van zijn aantrekkingskracht. Voor geïnteresseerden is er zelfs een volledig boek dat Umbrië belicht vanuit de invalshoek van deze charismatische figuur: “Umbrië, in de voetsporen van Franciscus” (Dominicus Themagids).
Ongetwijfeld is de “Basilica di San Francesco” het merkwaardigste gebouw van de stad. Ze bestaat uit twee boven elkaar gebouwde kerken, met daarbij ook nog een klooster. De onderste kerk werd gebouwd in het tweede kwart van de 13de eeuw, naar een ontwerp van Elias, de gezel van Franciscus. Wat lager nog ligt de crypte van Sint-Franciscus. Het voornaamste altaar van de benedenste kerk is mooi versierd met mozaïeken. Op het gewelf erboven verhalen allegorische fresco’s over de deugden van de heilige. In schrille tegenstelling tot de eerder donkere benedenste kerk staat de veel lichtere bovenste kerk, die een aantal jaren geleden (1997) nog beschadigd werd door een aardbeving maar inmiddels weer gerestaureerd is. Het voornaamste kunstwerk van die bovenste kerk is de frescocyclus die 28 taferelen toont uit het leven van de heilige Franciscus. Dit belangrijke kunstwerk wordt toegeschreven aan de grote meester Giotto.
Op het plein voor deze kerk staat er nog eentje uit de 13de eeuw, de “Basilica di Santa Chiara”. Het gebalsemde lichaam van de patrones van deze kerk, de H. Clara van Assisi (geboren in 1192) rust hier. Tegen de kerk van de H. Clara is de kleinere “San Giorgio” aangebouwd, waar het kruis hangt dat tot Franciscus zou gesproken hebben. Een ander ongewoon gebouw is de Tempel van Minerva (uit de eerste eeuw), die later tot kerk werd verbouwd, de “Santa Maria sopra Minerva”. De Corintische zuilen getuigen nog van haar oorsprong.
De “Via San Francesco”, met een aantal pittoreske huizen, is de mooiste straat van Assisi, maar je moet er wel de talrijke toeristische winkeltjes bijnemen. Hier staat het “Oratorio die Pellegrini”, dat een aantal fraaie fresco’s bevat. Op het einde van deze straat bereik je het “Piazza del Comune”, waar niet langer de religieuze sfeer overheerst, maar waar er enkele wereldse paleizen uit de middeleeuwen staan. De dom van Assisi, de “Duomo San Rufino” mag je niet onbezocht voorbij lopen. Dit bouwwerk, oorspronkelijk uit de 12de eeuw, toont aan de buitenzijde een aantal fraai beelden uit die tijd. Ook de mooie“San Pietro” werd in dezelfde periode gebouwd, weliswaar niet in opdracht van de Franciscanen maar van de Benedictijnen.
Boven de stad bemerk je de “Rocca Maggiore”, vanwaar je een schitterend zicht hebt op Assisi en haar omgeving. In de nabijheid van het spoorwegstation, een eind buiten de stad, ligt het gehucht “Santa Maria degli Angeli” en de gelijknamige kerk. Deze werd in de 16de eeuw gebouwd over de “Porziuncula”, een kapelletje waar Franciscus boete deed. Hij zou zich hier onder meer op een doornige rozenstruik geworpen hebben toen de duivel hem trachtte te bekoren. Trek je pal in oostelijke richting (de richting tussen die naar Nocera Umbra en Spello) dan bereik je spoedig “de Eremo delle Carceri”, de plaats waar Franciscus een paar cellen in de rots had uitgehouwen om er te leven als kluizenaar. Over een aangename binnenplaats, ontworpen in de 15de eeuw, kan je die cellen ook vandaag nog bezoeken.
Zowat 20 km zuidwestelijk van Assisi ligt Bettona vanwaar je bij helder weer een mooi zicht hebt op Assisi en het omgevende landschap. Dit ommuurde stadje is beslist een daguitstap waard, niet alleen omwille van de stadswallen die teruggaan tot de Etrusken, maar ook om zijn schitterende ligging te midden olijfgaarden.
Rijd je van Assisi in de richting van Spoleto over kleinere wegen dan vind je even voor halfweg het mooi op een heuvel gesitueerde Montefalco. Die fraaie ligging leverde het stadje en mooie bijnaam op: “het balkon van Umbrië”. Veel bezoekers doen dit stadje aan omwille van de prachtige en kleurrijke fresco’s van de hand van Benozzo Gozzoli in de “San Francesco”. Bovendien kan je genieten van de middeleeuws aandoende sfeer van het stadje.