Bezienswaardigheden: kortrijk
De Leie ontspringt in het Noord Franse stadje Lisbourg. En daar begint al het eigenaardige verhaal van de Leie. Want de bron is nog altijd een goed bewaard geheim. Het water komt zomaar uit een immens diepe put (ze hebben nog niet kunnen peilen hoe diep ze is). Nadat de Leie de tuin en de vijver van het kasteel van Lisbourg is doorgelopen zwelgt ze enorm aan en wordt een heuse rivier.
De eerste belangrijke stad op het Vlaamse traject is Kortrijk. Ze stroomt de stad binnen aan de beroemde Broeltorens. Tussen deze stad en Deinze werd zeer veel aan vlasteelt gedaan doordat het water van de Leie de ideale zuurtegraad had voor het "roten" van het vlas. Toen gaf men de naam "The Golden River" aan de Leie. In de tijd van Guido Gezelle zei men "Jordane van mijn herte".
Kortrijk is een zeer dynamische stad van ca. 80.000 inwoners. Het is de eerste stad met een verkeersvrije winkelstraat, reeds in 1962. Kortrijk is ook de Guldensporenstad. Er werd dan ook een Groeningemonument opgericht in 1906, op de plaats van het slagveld der Guldensporen van 1302. Kortrijk is ook de stad van het Vlasmuseum. Omdat het vlas hier in de streek veelvuldig bewerkt werd, dankzij het water van de Leie. In 1959 werd Stijn Streuvels ere-burger van de stad Kortrijk. Iedere week kwam hij hier éénmaal op bezoek bij zijn vrienden (op maandag, per fiets of met de stoomtram).
Stadswandeling
We stellen voor om een stadswandeling te maken. Bij de toeristische dienst in het stadhuis kan je een folder halen met de beschrijving en de bezienswaardigheden. Kijk op hun website voor de openingsuren: www.kortrijk.be
Aan het Groeninghemonument werd op 11 juli van 1302 slag geleverd, de Vlamingen gooiden toen de Franse overheersers buiten. De Guldensporenslag op 11 juli werd dan ook de Vlaamse feestdag. Door de Guldensporenslag werden de Franse edelen van Filips de Schone verslagen, dankzij Pieter de Coninck en Jan Breydel. De Gulden Sporen die de Fransen droegen hingen tot 1382 in de O.L.Vrouwekerk. In 1382 werden de Vlamingen opnieuw verslagen door de Fransen en de sporen werden verwijderd. Men beweert dat men nog één origineel exemplaar heeft in het museum.
De Broeltorens zijn een overblijfsel van de oude versterkingen die in 1684, door Lodewijk XIV verwoest werden. Zij beschermden de brug die na de WOI weer opgebouwd werd. De torens dateren uit de 12e en 13e eeuw.
Op de markt staat het Belfort dat dateert uit de 14e eeuw. Het Stadhuis heeft een gotische gevel. De beelden van de Graven van Vlaanderen werden vervangen door nieuwe in de 19e eeuw, bij een grootscheepse restauratie.
De O.L.Vrouwekerk was oorspronkelijk de kapel van het kasteel van Kortrijk. Het is een Collegiale kerk, gesticht door Boudewijn van Constantinopel in de 13e eeuw. Guido Gezelle was hier kapelaan in de tweede helft van de 19e eeuw. Er is hier ook een "gravenkapel" waar de Graven van Vlaanderen begraven liggen. Dit dateert uit 1382.
Het Begijnhof werd gesticht in 1238 en in 1240 rijkelijk gesteund door de Gravin van Vlaanderen, Johanna van Constantinopel. Haar standbeeld staat op het binnenplein. In totaal zijn er 41 huisjes van rond 1650 (na een grote brand).
Het Nationaal Vlas-, Kant- en Linnenmuseum
Het Nationaal Vlasmuseum is sedert 1982 gehuisvest in een gerestaureerde vlaamse boerderij uit de 19e eeuw. In deze oude vlassershoeve staan er in totaal zo'n 26 verschillende taferelen, levendig uitgebeeld met poppen uit polyester. Dit museum behandelt de vlasbewerking gedurende de verschillende jaren. Hoogtepunten zijn o.a. de pop van Briek Schotte, die op de markt van Kortrijk woonde (in het café de Beiaard), want hij heeft tot zijn 19de levensjaar gewerkt in het vlas. Een andere is een opgezet Brabants trekpaard. Naast het Vlasmuseum is het Kant- en Linnenmuseum gevestigd. Kant en linnen als sieraad en als kledij worden hier tentoongesteld.
Andere musea in Kortrijk
- Broelmuseum: Vlaamse schilder- en beeldhouwkunst
- Groeningeabdij: lokale geschiedenis
- Begijnhofmuseum
Meer info: www.kortrijk.be
Broeder Isidoor
Dichtbij het Groeningemonument ligt er ook een bekend bedevaartsoord met een mooie kerk en een Lourdesgrot. Centraal staat hier de figuur van Broeder Isidoor. Op 26-jarige leeftijd deed hij zijn intrede in het noviciaat der Passionisten te Ere. Na zijn professie in 1908, verbleef hij te Wezembeek-Oppem en te Kortrijk. Hij was kok en portier, doch overleed aan kanker op 35-jarige leeftijd. Doch in zijn kort leven was hij zeer voorbeeldig en wordt hij vereerd voor de genezing van kanker, kinderziekten en andere kwalen.
Er kwamen veel onverklaarbare genezingen en in 1952 werd zijn stoffelijk overschot opgegraven en in een praalgraf geplaatst in de kerk van de Passionisten. Na een procedure van 24 jaar werd Broeder Isidoor op 30 september 1984 zalig verklaard. De voornaamste reden om zijn zaligverklaring was de onverklaarbare genezing van een vrouw in Oudenaarde.
http://www.euroreizen.be/admin/datacontrolDetail.aspx?id=1121